Bodemgezondheid en Compostering

Wormenhotels: Welke wormen heb je nodig voor topcompost?

Eva van der Linden Eva van der Linden
· · 6 min leestijd

Een wormenhotel is de stiller, slimmere achterneef van de composthoop. Je gooit er je keuken- en tuinafval in, en een paar maanden later komt er donkere, geurloze, voedingsrijke 'wormenhumus' uit: goud voor je bodem.

Inhoudsopgave
  1. Welke wormen kiezen voor een wormenbak
  2. Compostwormen en Tijgerwormen
  3. Wat eten wormen wel en niet?
  4. Wormenhotel luchtig en geurloos houden
  5. Waar koop je compostwormen?
  6. Conclusie: Kies de krachtpatser

Maar het draait allemaal om de bewoners. Zomaar een paar regenwormen uit de tuin erin pleuren werkt niet.

Je hebt de juiste wormensoort nodig voor topcompost. In dit artikel leg ik je precies uit welke wormen je nodig hebt, wat ze eten en hoe je ze happy houdt.

Welke wormen kiezen voor een wormenbak

De meeste regenwormen die je in de tuin vindt, zijn diepgravers. Ze graven diepe gangen en zijn niet gebaat bij een laagje afval op de oppervlakte.

Voor een wormenbak, die vaak boven de grond staat, heb je wormen nodig die van nature in de bovenste laag van de bodem leven.

Dit zijn de zogenaamde strooiselwormen. Ze voelen zich thuis in de laag van rottende bladeren en ander organisch materiaal. Van de meer dan 7000 soorten regenwormen die er bestaan, zijn er maar een stuk of 7 geschikt voor je wormenbak.

De twee absolute toppers zijn de mestpier (tijgerworm) en de dendrobaena. Deze wormen zijn echte oppervlaktebewoners.

Ze kruipen niet diep de grond in, maar blijven in de bovenste 10 cm. Dat is precies wat je wilt in een wormenbak. Ze verwerken je afval tot de fijnste compost. Als je ze in de tuin loslaat, helpen ze je bodemstructuur te verbeteren, vooral rondom je fruitbomen en andere vaste planten.

De vuistregel voor bodemverbetering is ongeveer 1 kg wormen per 20 m².

Bij het planten van een nieuwe boom kun je een halve kilo wormen toevoegen per 25 cm stamdikte.

Compostwormen en Tijgerwormen

De twee meest bekende en bruikbare soorten voor je wormenhotel zijn dus de tijgerworm (Eisenia fetida) en de dendrobaena.

Ze zien er allebei wat roodachtig uit, maar ze gedragen zich net even anders. Beide soorten zijn dol op een mix van koolstofrijk 'bruin' afval en stikstofrijk 'groen' afval. Denk aan karton, koffiedik en dode bladeren (bruin) en aan ongekookte keukenresten, groenteschillen en fruit (groen). De tijgerworm is een echte krachtpatser.

Deze worm, met zijn opvallende strepen, eet ongeveer twee keer zo veel per lichaamsgewicht als de dendrobaena. Hij is dus supersnel in het verwerken van je afval.

De dendrobaena is wat dat betreft de wat rustigere, maar eveneens efficiënte buurman.

Je kunt ze prima mengen in je wormenbak. Ze vullen elkaar goed aan. Het grote voordeel van deze wormen is dat ze je keuken- en tuinafval omzetten in de allerbeste compost.

Voordelen Compostwormen en Tijgerwormen

Ze zijn de motor van je wormenhotel. Ze houden van vochtig, maar niet drijfnat, en van een luchtige omgeving.

Ze eten ongeveer de helft van hun eigen gewicht per dag. Een beginnende wormenboer heeft genoeg aan 500 gram wormen voor een gemiddelde bak. Voor een groter wormenhotel, bijvoorbeeld van een voedselbos met veel bladval, is 1 kg een veilige start.

Een ander groot voordeel is dat ze stank voorkomen. Een goed functionerend wormenhotel ruik je niet.

Het ruikt naar aarde. Als het gaat stinken, is er iets mis.

Meestal is er te veel vocht of te weinig zuurstof, of heb je verboden spullen in de bak gedaan.

De wormen en de bacteriën in de bak hebben zuurstof nodig om hun werk te doen. Daarom is het belangrijk dat je wormenhotel luchtig is. Hoewel de focus ligt op strooiselwormen, is het goed om te weten dat er ook andere types zijn. Diepgravers, zoals de gewone regenworm, graven diep en zijn niet geschikt voor een wormenbak boven de grond.

Diepgravers / Pendelaars

Pendelaars zijn een tussenvorm. Ze kunnen dieper graven, maar eten ook wel van het oppervlak.

In de praktijk werkt een wormenbak het best met de strooiselwormen die in de bovenste laag blijven.

Diepgravers zullen je wormenbak proberen te verlaten op zoek naar diepere grond.

Wat eten wormen wel en niet?

Het dieet van je wormen is de basis voor succes. Zoals gezegd is een balans tussen 'bruin' en 'groen' essentieel voor de vochthuishouding en zuurgraad.

Bruin afval is je koolstofbron: karton, koffiedik, papier, zaagsel, dode bladeren, stro.

Groen afval is je stikstofbron: ongekookt tuin- en keukenafval, aardappelschillen, fruit- en groenteresten, bananenschillen. Er zijn echter dingen die je echt niet in de wormenbak moet gooien. Wormen eten geen gekookte groente- en fruitresten, pasta, brood, vlees of botten.

Gekookte resten gaan schimmelen en trekken ongedierte aan. Vlees en zuivel rotten en kunnen geuren en ziekmakende bacteriën veroorzaken. Ook vetten zijn een no-go. Bovendien kunnen wormen niet tegen zout.

Dus aardappels met zout? Liever niet. Doe rustig aan met citrusschillen; te veel zuur is niet goed.

En wees voorzichtig met groenafval dat zichtbare schimmels of ziekten heeft.

Wormenhotel luchtig en geurloos houden

Een wormenhotel hoort echt niet te stinken. Als je een vieze lucht ruikt, is dat een seintje dat er iets mis is.

Meestal is het gebrek aan zuurstof of verkeerde voeding. Zorg dat je wormenhotel luchtig is. Je kunt dit doen door voldoende luchtig 'bruin' materiaal toe te voegen, zoals karton of stro.

Dit zorgt voor structuur en zuurstof. Wormen en de bacteriën die de compost maken, hebben zuurstof nodig om afval af te breken zonder vieze gassen te produceren. Begrijp je de ideale C/N-verhouding voor je compost, dan verloopt dit proces optimaal.

Als je wormenhotel binnen staat, bijvoorbeeld in de schuur of garage, kunnen wormen proberen te ontsnappen als ze niet tevreden zijn. In Nederland is het belangrijk om wormen niet te blootstellen aan strenge vorst of temperaturen boven de 35 graden. Ze zoeken dan een uitweg.

Een handige truc voor binnen: laat de eerste twee weken een lamp in de buurt aan. Wormen houden niet van licht en zullen proberen te blijven zitten.

Waar koop je compostwormen?

Je kunt wormen op verschillende plekken kopen. De meest betrouwbare bron is een gespecialiseerde wormenboerderij of webshop die zich richt op compostwormen.

Zoek op 'compostwormen kopen' of 'tijgerwormen kopen'. Je vindt ze vaak bij tuincentra die zich richten op biologisch tuinieren of bij webshops die wormenhotels verkopen.

Sommige gemeentes hebben inmiddels ook wormenhotels en wormen in de aanbieding via hun afvalverwerker. Let bij aankoop op dat je de juiste soort krijgt: mestpieren (tijgerwormen) of dendrobaena's. Koop ze bij voorkeur lokaal, zodat ze niet lang onderweg zijn en je bodemleven een boost geeft.

Een standaard verpakking is vaak 500 gram of 1 kg. Voor een gemiddelde huishouden is 500 gram een prima start. Ze zijn vaak te koop per gewicht, inclusief een beetje vocht en nestmateriaal. De prijs ligt rond de €15-€20 voor 500 gram en €25-€35 voor 1 kg, afhankelijk van de aanbieder.

Conclusie: Kies de krachtpatser

Voor topcompost in je wormenhotel kies je voor de mestpier (tijgerworm) of de dendrobaena. De tijgerworm is de ultieme etser en zet je afval razendsnel om in compost, waarmee je ook zelf vloeibare plantenvoeding maakt.

Begin met 500 gram tot 1 kg, afhankelijk van de grootte van je bak. Zorg voor een luchtige mix van karton en groenafval, en voorkom vieze geurtjes door geen vlees, gekookte resten of te veel citroen te gebruiken. Zo maak je van je keukenafval vloeibaar goud voor je voedselbos, fruitbomen en moestuin.


Eva van der Linden
Eva van der Linden
Voedselbos-ontwerper en ecologisch tuinierder

Eva ontwerpt al meer dan tien jaar voedselbossen en beheert een proefperceel in de Gelderse vallei. Ze beschrijft de planten en dieren die ze er daadwerkelijk aantreft, zonder poespas.

✓ Geverifieerd auteur ✓ Voedselbosbouw, permacultuur en wilde planten
Eva van der Linden
Eva van der Linden
Voedselbos-ontwerper en ecologisch tuinierder

Eva ontwerpt al meer dan tien jaar voedselbossen en beheert een proefperceel in de Gelderse vallei. Ze beschrijft de planten en dieren die ze er daadwerkelijk aantreft, zonder poespas.

Meer over Bodemgezondheid en Compostering

Bekijk alle 50 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Hoe verbeter je de bodemvruchtbaarheid zonder kunstmest?
Lees verder →