Water in de Permacultuur

Het gebruik van olla’s (aardewerken potten) voor lokale bewatering

Eva van der Linden Eva van der Linden
· · 5 min leestijd

Stel je voor: je hebt een voedselbos met jonge fruitbomen, bramen en hazelnoten. De zomer is droog, de bodem is kurkdroog en je bent een weekje weg.

Inhoudsopgave
  1. Wat is een olla?
  2. Voordelen van olla irrigatie
  3. Zelf een olla maken
  4. Hoe werkt een olla? (Technische uitleg)
  5. Oorsprong en geschiedenis
  6. Ollas vs Oyas
  7. Praktische tips voor je voedselbos

Thuis kom je terug en de helft van je aanplant is dood. Herkenbaar?

Met olla’s – ouderwetse aardewerken potten – los je dit op. Je graaft ze naast je planten, vult ze één keer per week en ze geven water rechtstreeks aan de wortels. Geen sproeiers, geen verspilling, geen stress.

In voedselbossen en permacultuurtuinen werkt dit systeem als een soort natuurlijke druppelirrigatie. Je bespaart 50 tot 70 procent water en je planten groeien beter. Laten we kijken hoe je dit toepast in jouw tuin.

Wat is een olla?

Een olla is een ongeglazuurde terracotta pot, meestal met een brede mond en een klein gat onderin.

Je graaft hem in de grond, vult hem met water en het aardewerk geeft het langzaam af aan de bodem. Het woord ‘olla’ komt uit het Spaans en betekent simpelweg ‘pot’.

In voedselbossen zet je olla’s naast bomen, struiken en groenten. De pot staat niet boven de grond, maar gedeeltelijk ingegraven. Zo blijft het water onder de oppervlakte en verdampt er bijna niets. Ideaal voor droge zomers in Nederland.

Je vindt olla’s in tuincentra, webshops en soms bij lokale pottenbakkers. Een standaard terracotta pot van 10 liter kost tussen de €8 en €15.

Grotere modellen van 20 liter zijn er voor €15 tot €25.

Voordelen van olla irrigatie

Waterbesparing is het grootste voordeel: tot 70 procent minder verbruik dan bij sproeien. In een voedselbos met jonge fruitbomen scheelt dat liters per week.

Je vult de olla één keer per week en de rest regelt zichzelf. Olla’s werken als een back-up tijdens vakanties. Vul ze voor je weggaat en ze geven langzaam water af aan de wortels.

Je thuiskomt en je planten staan er nog prima bij. Het systeem is geschikt voor moestuinen, kassen en vierkante meter-tuinen.

In voedselbossen zet je olla’s bij bomen zoals appel, peer en hazelaar, maar ook bij bramen, frambozen en kruiden als salie en tijm. Bill Mollison, Nobelprijswinnaar en grondlegger van de permacultuur, noemde olla’s “het beste irrigatiesysteem ter wereld”. Dat zegt genoeg.

Zelf een olla maken

Je kunt een olla kopen, maar zelf maken is simpel en goedkoop. Gebruik twee ongeglazuurde terracotta potten van dezelfde maat.

Een pot van 10 liter werkt goed voor fruitbomen tot 2 jaar oud.

Neem de grootste pot en zet hem op z’n kop. Boor een gat in de bodem van ongeveer 5 mm. Vul het onderste gat met een kurk voor optimale waterafgifte, zoals tuiniers adviseren.

Plak de rand van de omgekeerde pot vast met waterdichte lijm of cement. Laat het drogen volgens de instructies.

Graaf de olla naast de planten, niet eronder, zodat wortels er naartoe groeien. Dek de olla af met een terracotta schaal om verdamping te voorkomen en insecten buiten te houden. Zo blijft het water schoon en koel, zeker als je kiest voor het opvangen van regenwater.

  • Materialen: 2 terracotta potten (10-20 liter), kurk, waterdichte lijm, boor.
  • Kosten: €15 tot €30 voor zelfgemaakte olla.
  • Tijd: 1 uur inclusief droogtijd.

Hoe werkt een olla? (Technische uitleg)

De olla geeft water af door capillaire werking en poreusheid van het aardewerk. Het water stroomt langzaam door de wanden naar de buitenkant.

Daar wordt het opgenomen door de bodem en de wortels. De bodem rond de olla blijft vochtig, maar niet verzadigd. Dat is belangrijk voor de bodemstructuur en het bodemleven.

Doorlaatbaarheid en waterafgifte

Te poreuze olla’s leiden tot waterverzadiging, wat schadelijk is. Te weinig doorlatende potten geven te weinig water.

De snelheid van waterafgifte hangt af van de poriën in het aardewerk. Bij terracotta is dat ongeveer 1-2 liter per dag per pot van 10 liter, afhankelijk van temperatuur en bodemtype. In voedselbossen met lichte zandgrond gaat het wat sneller dan in kleigrond.

Evotranspiratie en bodemleven

Je kunt de waterafgifte regelen met de kurk in het onderste gat. Een kleinere opening geeft minder water, een grotere geeft meer.

Test het een week en pas aan waar nodig. Evotranspiratie is de combinatie van verdamping en plantenuitwaseming.

Olla’s zorgen voor weinig verdamping omdat het water onder de grond blijft. De planten zuigen het vocht op via de wortels. Het bodemleven, zoals schimmels en bacteriën, blijft actief omdat de bodem gelijkmatig vochtig blijft. In voedselbossen werkt dit samen met mycorrhiza-schimmels rond bomen en struken, wat de opname van voedingsstoffen verbetert.

Oorsprong en geschiedenis

Olla’s zijn duizenden jaren oud. Je vindt ze terug in Afrika, het Middellandse Zeegebied (Romeinse Rijk), het Midden-Oosten en Azië.

Boeren gebruikten ze om gewassen te irrigeren in droge gebieden. In Nederland is het een oude techniek die nieuw leven krijgt in permacultuur.

Tuinders passen het toe in voedselbossen en moestuinen, vooral nu droge zomers vaker voorkomen. Het handelsmerk Oyas is geregistreerd door Oyas Environnement. Deze potten zijn speciaal ontworpen voor irrigatie en hebben een vaste waterafgifte. Ze zijn verkrijgbaar in verschillende maten, van 5 tot 50 liter.

Ollas vs Oyas

Olla’s zijn traditionele potten, vaak van terracotta. Oyas zijn een modern handelsmerk met specifieke eigenschappen voor irrigatie.

Beide werken op dezelfde manier, maar Oyas zijn soms iets duurder en hebben een garantie op waterafgifte. In Nederland kun je Oyas kopen via webshops voor permacultuur, zoals Permacultuur Centrum of tuinwebshops. Een Oyas van 10 liter kost tussen de €20 en €35.

Traditionele olla’s zijn goedkoper en vaak verkrijgbaar bij tuincentra. De keuze hangt af van je budget en voorkeur.

Voor een voedselbos met jonge bomen werkt een traditionele olla prima. Voor precisie-irrigatie in een kas kun je Oyas overwegen.

Praktische tips voor je voedselbos

  1. Zet olla’s bij jonge bomen en struken, niet onder de kluit. Graaf ze 10-20 cm diep naast de plant.
  2. Vul de olla één keer per week. Bij extreme droogte vaker, bij regen minder.
  3. Gebruik regenwater uit een ton of vijver. Dat is zachter en beter voor het aardewerk.
  4. Dek de olla af met een schaal of deksel. Zo blijft water koud en insecten buiten.
  5. Combineer met mulch: leg stro of bladeren rond de olla om vocht vast te houden.
  6. Test de waterafgifte eerst op een plek zonder planten. Pas de kurk of gatgrootte aan.
  7. Gebruik olla’s in combinatie met andere watermethoden, zoals greppels of vijvers, voor een veerkrachtig voedselbos.

Met olla’s geef je je voedselbos een stabiele waterbron zonder verspilling. Combineer dit eventueel met een wadi in je eigen tuin of bos om water optimaal te benutten. Je bespaart tijd, water en moeite.

En je planten groeien sterker en gezonder. Probeer het uit en ervaar het verschil.


Eva van der Linden
Eva van der Linden
Voedselbos-ontwerper en ecologisch tuinierder

Eva ontwerpt al meer dan tien jaar voedselbossen en beheert een proefperceel in de Gelderse vallei. Ze beschrijft de planten en dieren die ze er daadwerkelijk aantreft, zonder poespas.

✓ Geverifieerd auteur ✓ Voedselbosbouw, permacultuur en wilde planten
Eva van der Linden
Eva van der Linden
Voedselbos-ontwerper en ecologisch tuinierder

Eva ontwerpt al meer dan tien jaar voedselbossen en beheert een proefperceel in de Gelderse vallei. Ze beschrijft de planten en dieren die ze er daadwerkelijk aantreft, zonder poespas.

Meer over Water in de Permacultuur

Bekijk alle 100 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Water vasthouden in je voedselbos: Swales en greppels uitgelegd
Lees verder →