De Kruidlaag en Bodembedekkers

Bosaardbeien (Fragaria vesca): De smaakbommetjes van de bodem

Eva van der Linden Eva van der Linden
· · 9 min leestijd

Stel je voor: je loopt door je voedselbos, je voelt de zon op je schouders en je bukt je voor een laag groen tapijt. Daar, tussen de varens en de wilde bloemen, glinsteren kleine, felrode juweeltjes.

Inhoudsopgave
  1. Bosaardbei - Fragaria vesca
  2. Weetjes over de Bosaardbei (Fragaria vesca)
  3. Fragaria vesca 'Alexandria'
  4. Wat maakt ‘Alexandria’ bijzonder
  5. Beschikbare maten en groeikenmerken
  6. Verzorging

Dit zijn geen gewone aardbeien. Dit zijn bosaardbeien, Fragaria vesca.

Een smaakexplosie die zo uit de grond lijkt te komen. Ze zijn klein, maar o zo krachtig. Zoet, een tikkeltje wild en onweerstaanbaar.

In een permacultuursysteem is dit niet zomaar een leuk bijproduct. Dit is een bodembedeker die werkt voor zijn plek.

Hij vult de onderste laag, lokt nuttige insecten en geeft je een oogst waar je blij van wordt. Laten we eens kijken hoe je deze smaakbommetjes in je eigen tuin of bos toevoegt.

Bosaardbei - Fragaria vesca

De bosaardbei is de wilde, oorspronkelijke versie van de aardbei die je in de supermarkt koopt. Hij is een stuk kleiner, maar qua smaak kun je hem vergelijken met de meest intense aardbei die je ooit hebt geproefd. Hij groeit laag bij de grond, vormt een prachtig groen bladerdek en heeft een onopvallende, witte bloem die later verandert in die heerlijke vrucht.

In Nederland is hij inheems, vooral in Zuid-Limburg, langs rivieren en in de duinen.

Dat betekent dat hij perfect is aangepast aan ons klimaat. Hij is winterhard en blijft ook in de winter groen.

Ideaal voor wie een lage, eetbare laag wil toevoegen aan zijn voedselbos of permacultuurtuin. De plant zelf blijft laag: tussen de 5 en 30 centimeter. Dat maakt hem perfect als bodembedeker onder hogere struiken of bomen, zoals hazelaars of appelbomen.

Hij houdt van een plekje in de zon of halfschaduw en vraagt om humusrijke, kalkhoudende grond.

Maar eerlijk is eerlijk, hij is een stuk minder kieskeurig dan zijn gecultiveerde neefjes. Zolang de grond waterdoorlatend is, voelt hij zich thuis. Ecologisch gezien is het een topper. Zijn witte bloemen lokken wilde bijen, zweefvliegen en hommels.

Bovendien is het de waardplant voor de rups van de Aardbeivlinder. Dus met deze plant help je niet alleen jezelf, maar ook de lokale biodiversiteit.

Wat hem extra waardevol maakt, is zijn veelzijdigheid. Je kunt niet alleen de vruchten eten, maar ook de bladeren.

Die bladeren zijn rijk aan tannine en zijn perfect om thee van te zetten. Een frisse, lichtzoete thee die goed past bij een zomerse middag. Qua voedingswaarde zit er flink wat ijzer, kalium en vitamine C in deze kleine vruchtjes.

Specifieke instructies zaaien en verzorging

Het is een echte powerfood, recht uit de natuur. En omdat hij zo compact is, past hij bijna overal. In een moestuinbak, tussen de tegels, in een wilde bloemenweide of als onderbeplanting in een fruitboomgaard.

Wil je aan de slag met zaaien? Bosaardbeizaden zijn kiemrustig. Dat betekent dat je ze het beste eerst een tijdje koud kunt houden (stratificeren) voordat ze ontkiemen.

Zaai ze in de winter of het vroege voorjaar. De ideale kiemtemperatuur is rond de 20°C.

Het allerbelangrijkste bij het zaaien: dek de zaden slechts licht af. Ze hebben licht nodig om te ontkiemen. Zaai je ze te diep, dan gebeurt er niets.

Dus zaaien, een heel dun laagje fijn zand of grond erover, en voorzichtig aandrukken.

Houd de grond gelijkmatig vochtig, maar zeker niet doorweekt. Zaailingen zijn kwetsbaar, dus bescherm ze tegen slakken. Als de planten eenmaal staan, zijn ze erg zelfredzaam. Ze vormen bovengrondse uitlopers, waarmee ze zich langzaam verspreiden en een dicht tapijt vormen.

In het voorjaar kun je het beste de oude, dode bladeren verwijderen. Dit geeft de plant ruimte om nieuw, fris blad te maken en zorgt voor een schonere plant, wat ziektes kan voorkomen.

Algemene verzorginstructies

De plant is sterk en heeft weinig tot geen bemesting nodig als de bodem al redelijk vruchtbaar is.

Een laagje bladaarde of compost rondom de plant is vaak al voldoende. De bosaardbei is een echte doorzetter en vraagt niet veel aandacht. De grootste zorg is eigenlijk het onkruid rondom de jonge planten, tot ze goed zijn aangeslagen en de ruimte hebben ingenomen. Wil je meer weten? Ontdek de beste bodembedekkers voor een onderhoudsarm voedselbos om dit proces te ondersteunen.

Eenmaal volwassen, zullen ze de strijd met veel onkruid aankunnen door hun dichte bladerdek. Water geven is alleen nodig in extreme droogte. Ze zijn gewend aan de Nederlandse regenval.

Een tip: oogst de vruchten direct als ze dieprood en zacht zijn.

Dit stimuleert de plant om nieuwe vruchten aan te maken. Zo verleng je de oogstperiode aanzienlijk.

Let op dat je de bosaardbei niet verwart met de schijnaardbei. De schijnaardbei heeft gele bloemen en de vrucht is niet eetbaar (en smaakt niet naar aardbei). De bosaardbei heeft, zoals het hoort, witte bloemetjes.

Verder is de plant volledig winterhard en wintergroen. Je kunt hem dus het hele jaar door planten, behalve wanneer de grond bevroren is.

De plant is sterk en kan jaren op dezelfde plek blijven staan.

Weetjes over de Bosaardbei (Fragaria vesca)

Wist je dat de bosaardbei al eeuwenlang wordt gegeten? Onze voorouders plukten ze in het wild.

Het is een plant die direct connectie maakt met de natuur om ons heen. Hij past perfect in de filosofie van permacultuur: een plant die meerdere functies vervult (oogst, bodembedeking, insectenlokker) en weinig tot niets vraagt. Het is een plant die je in je tuin stopt en daarna grotendeels zijn gang laat gaan. Dat is het mooie van deze wille.

Een ander leuk weetje is dat je de uitlopers makkelijk kunt vermeerderen. Als je een plant eenmaal hebt, kun je die simpelweg delen.

Of je kunt de bovengrondse uitlopers (de 'ranken') afnemen en elders poten.

Zo verspreidt je plant zich langzaam door je tuin, zonder dat je er veel moeite voor hoeft te doen. Het is een plant die langzaam groeit, maar gestaag uitbreidt. Een investering voor de lange termijn.

De plant is ook een goede keuze voor specifieke projecten. Denk aan schooltuinen, natuurtuinen of parken waar daslook als koning van de bosgrond een eetbare, wilde laag vormt.

Plaats een reactie Reactie annuleren

Omdat hij inheems is, voelt hij zich overal in Nederland thuis. Hij komt van nature voor in gebieden met kalkrijke grond, maar zoals gezegd is hij tolerant. Voor wie in een gebied met kalkarm zandgrond woont, kan een beetje kalk toevoegen helpen, maar het is geen vereiste.

Heb je al ervaring met bosaardbeien in je tuin? Deel je verhaal!

Ik ben benieuwd hoe ze bij jou groeien en welke combinaties je hebt gemaakt. Jouw ervaring kan anderen inspireren om ook deze veelzijdige plant toe te voegen.

Fragaria vesca 'Alexandria'

Naast de wilde variant is er ook een specifieke cultivar die veel wordt aangeboden: 'Alexandria'. Dit is eigenlijk een veredelde versie van de wilde bosaardbei.

Het leuke aan 'Alexandria' is dat hij vaak iets grotere vruchten produceert dan de echte wildsoort, maar wel die typische, intense wilde aardbeismaak behoudt. Het is een doorloper, wat betekent dat hij, onder goede omstandigheden, de hele zomer door vrucht kan geven. Dit in tegenstelling tot de wilde variant die vaak in één grote golf oogst in het vroege voorjaar.

'Alexandria' is net als de gewone bosaardbei een lage plant en een uitstekende bodembedeker.

Hij is perfect voor in potten of bakken op een zonnig balkon, maar doet het ook geweldig in de volle grond. De plant is net iets productiever en minder gevoelig voor ziektes dan de wilde variant. Het is een stabiele keuze voor wie wil beginnen met bosaardbeien en zeker wil zijn van een oogst.

Wat maakt ‘Alexandria’ bijzonder

Het grote verschil met de wilde soort is de vruchtzetting. Waar de wilde bosaardbei vaak één keer per jaar een lading vruchten geeft, verspreid over een paar weken, blijft 'Alexandria' doorgaan.

Dit maakt hem ideaal voor wie langer wil genieten van verse bosaardbeien. De smaak is iets minder wild, iets fruitiger, maar nog steeds veel intenser dan een gangbare aardbei. De plant is net als zijn wilde neef winterhard en wintergroen.

Een ander voordeel is de voorspelbaarheid. Omdat het een gecultiveerde variëteit is, weet je wat je krijgt.

De vruchten zijn vrijwel altijd even groot en de opbrengst is beter te plannen. Hij groeit net iets krachtiger en kan daardoor ook iets beter concurreren met onkruid. Voor de beginner is 'Alexandria' daarom een aanrader. Je start met een plant die je snel resultaat geeft en waarmee je de kneepjes van het bosaardbeien kweken leert.

Beschikbare maten en groeikenmerken

Als je bosaardbeien koopt, worden ze meestal aangeboden als jonge planten in pot. De gangbare maten zijn P9 (0,5 liter pot) en grotere potten van 2 liter. Een P9-plantje is een jonge, sterke plant die snel aanslaat.

De grotere 2-liter pot geeft je een plant die al wat verder is en in hetzelfde jaar al een rijkere oogst kan geven.

De keuze hangt af van je budget en hoe snel je resultaat wilt zien. De groeikenmerken zijn helder: een plantje uit een P9-potje kun je verwachten om te planten zodra de vorst uit de grond is.

Ze groeien dan snel door en vormen in het eerste jaar al een mooi bladerdek. De planten uit de 2-liter potten zijn al wat forser en zullen direct na het planten al meer volume hebben. Ze zijn allebei geschikt voor aanplant het hele jaar door, mits de grond niet bevroren is. Hou rekening met een plantafstand van ongeveer 20-30 cm om ze de ruimte te geven.

Verzorging

De verzorging van 'Alexandria' verschilt niet veel van de wilde variant, maar door zijn productievere karakter kan hij wel wat extra's gebruiken. Zorg voor een humusrijke grond.

Een laagje compost of blad aarde rondom de plant helpt hem enorm. Zorg dat de grond goed waterdoorlatend is. Stagneert het water, dan gaan de wortels rotten.

Een plekje in de zon of halfschaduw is perfect. In het voorjaar kun je het beste de dode bladeren verwijderen, net als bij tijm en rozemarijn op de zonnige randen van het bos.

Dit voorkomt dat schimmels en plagen zich kunnen vestigen. Oogst regelmatig en volledig rijpe vruchten. Dit stimuleert de plant om nieuwe bloemen en vruchten te maken. Als je merkt dat de plant na een paar jaar te groot wordt of in het midden kaal, kun je hem in het vroege voorjaar uitgraven en delen.

Plant de delen opnieuw in en je hebt weer jonge, vitale planten. Vergeet niet dat deze plant goed samenwerkt met andere kruiden.

Combineer hem met munt, basilicum of salie om je bodem te verbeteren en insecten te lokken. Zo bouw je aan een sterk en divers ecosysteem.


Eva van der Linden
Eva van der Linden
Voedselbos-ontwerper en ecologisch tuinierder

Eva ontwerpt al meer dan tien jaar voedselbossen en beheert een proefperceel in de Gelderse vallei. Ze beschrijft de planten en dieren die ze er daadwerkelijk aantreft, zonder poespas.

✓ Geverifieerd auteur ✓ Voedselbosbouw, permacultuur en wilde planten
Eva van der Linden
Eva van der Linden
Voedselbos-ontwerper en ecologisch tuinierder

Eva ontwerpt al meer dan tien jaar voedselbossen en beheert een proefperceel in de Gelderse vallei. Ze beschrijft de planten en dieren die ze er daadwerkelijk aantreft, zonder poespas.

Meer over De Kruidlaag en Bodembedekkers

Bekijk alle 50 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Beste bodembedekkers voor een onderhoudsarm voedselbos
Lees verder →